grappig. de Jehovah's getuigen waar ik in geboren ben zeiden letterlijk dat rituelen het bewijs was dat je met babylon de grote te maken had. Satans wereldwijde stelsel van valse religie. Nou vallen de Jehovah's getuigen voortdurend de katholieke kerk aan. En hebben zij inderdaad elke gevoel eruit gehaald. Ik houd juist van de mystiek.
Wat een intrigerend artikel. Hartelijk dank. Ik zit hier nu al twee dagen over te piekeren.
Ik wilde een verbaal-rationele reactie opstellen… tot ik opnieuw het artikel las en juist uw klachten over te veel verbale rationaliteit tegenkwam.
Dat deed me nog iets dieper piekeren en er klikte iets wat ik toch graag wil delen. Ik ontkom, net als u, helaas niet aan verbale rationaliteit!
Robert M. Pirsig schrijft in zijn boek “Zen and the Art of Motorcycle Maintenance” over twee verschillende manieren van de wereld benaderen: de romantische en de klassieke.
De romantische benadering gaat over gevoel, belichaming, beelden, intuïtie, esthetiek, de vorm als geheel. De klassieke benadering gaat over rationaliteit, logica, wetten en regels, de onderliggende vorm en zaken opdelen in onderdelen.
Hij schrijft dat deze twee levenswijzen elkaar totaal niet snappen. Romantische voelers vinden klassieke denkers kil en zakelijk. Klassieke denkers vinden romantische voelers irrationeel en incompetent.
Pirsig denkt dat het essentieel is om deze kloof te overbruggen, en ziet hun gedeelde inspiratie door “Kwaliteit” (/het hoogste / Boeddha / God) als die brug.
Hij neemt de motor als praktisch voorbeeld. Aan de ene kant is het een klassiek, rationeel voorwerp. Mechanisch ontworpen, pure functionaliteit, je moet rationele processen begrijpen om hem te kunnen repareren en verbeteren.
Aan de andere kant: de meeste motorrijders bezitten een motor puur voor de “romantiek”. Voor de adrenaline, voor de belichaming, voor het avontuur, voor het contact met de wind en om het gevoel van opgesloten te zitten in een mentale kooi te ontsnappen. Het is zeker niet de meest praktische oplossing voor Nederlands woon-werkverkeer en boodschappen doen in alle seizoenen en weersomstandigheden.
Zonder de klassieke benadering rijdt de motor niet. Zonder de romantische benadering geniet je er niet van - en dan waren 95% van de Nederlandse motoren volstrekt nutteloos.
Uit het boek, na een voorbeeld over zand - dat je op allerlei verschillende manieren kunt sorteren en verdelen:
“Classical understanding is concerned with the piles and the basis for sorting and interrelating them. Romantic understanding is directed toward the handful of sand before the sorting begins. Both are valid ways of looking at the world although irreconcilable with each other.
What has become an urgent necessity is a way of looking at the world that does violence to neither of these two kinds of understanding and unites them into one. Such an understanding will not reject sand-sorting or contemplation of unsorted sand for its own sake. Such an understanding will instead seek to direct attention to the endless landscape from which the sand is taken.
There is a perennial classical question that asks which part of the motorcycle, which grain of sand in which pile, is the Buddha. Obviously to ask that question is to look in the wrong direction, for the Buddha is everywhere. But just as obviously to ask that question is to look in the right direction, for the Buddha is everywhere. About the Buddha that exists independently of any analytic thought much has been said...some would say too much, and would question any attempt to add to it. But about the Buddha that exists within analytic thought, and gives that analytic thought its direction, virtually nothing has been said, and there are historic reasons for this. But history keeps happening, and it seems no harm and maybe some positive good to add to our historical heritage with some talk in this area of discourse.”
———
Uw artikel leest als een verdediging van de romantische benadering - maar opgeschreven vanuit een vrij klassiek frame, met antropologische definities en functionalistische verdedigingen.
Driemaal benoemt u het rationele, en driemaal benoemt u het als “ondergeschikt” - mensen zijn niet rationeel. Rationele filosofie is niet uit te houden. Rationaliteit bedekt het wonder met zo’n laag tekst en woorden dat het alleen voor experts nog enigszins te onderscheiden is.
Maar is dit omdat het belangrijkste in deze wereld daadwerkelijk romantisch-niet-klassiek is? Of is dit primair een communicatiekloof?
Kijk - de meeste handleidingen zijn verschrikkelijk. Bladeren naar de juiste taal, zevenhonderd juridische waarschuwingen waar je niks aan hebt. Néé ik zal mijn huisdier niet in de airfryer stoppen en hem dan in de zee gooien terwijl de stekker nog in het stroom zit.
Maar LEGO maakt zulke goede handleidingen dat mensen honderden euro’s betalen puur voor de ervaring om die handleiding te mogen volgen.
Denkt u dat rondom religie die synthese tussen het romantische en het klassieke perspectief ook mogelijk is? Is er rationeel-verbaal duidelijk te maken hoe klassieke bouwers die appelboom in elkaar kunnen schroeven - en dat hij daarna ook nog bloesem draagt? Is het belangrijk voor de kerk om wat voor haar het belangrijkst is rationeel-logisch te kunnen benaderen en te communiceren? Of moeten de gelovigen leren om hun klassieke kijkwijze ondergeschikt te maken aan de romantische benadering?
Ik ben juist op zoek naar de balans tussen deze twee. Om de plantenmetafoor nog maar even verder te voeren: verschillende bomen en struiken komen juist beter tot hun recht als ze door mensen worden gesnoeid, bemest en in een tuinontwerp worden geordend. Maar er is een grens. De reden dat de mens überhaupt de moeite neemt om te tuinieren is dat hij geniet van de levende schoonheid van al die groeiende dingen, het scheppende plezier van de natuur en daarachter de hand van de Schepper. Hij kan dan ook alleen slagen in zijn opzet als hij zijn rationele ordening in dienst stelt van het mysterie van het leven, en daar de grenzen van respecteert. Hij kan lichtminnende zomerbloeiers onder een dichtgebladerde lindenboom poten, maar die zullen doodgaan of er tenminste verpieterd uitzien. Hij kan snoeien, maar niet voorbij een bepaalde grens, anders loopt de struik niet meer uit. Voortdurend moet hij zich ervan bewust zijn dat hij niet degene is die leven geeft en de sappen laat stromen. Uiteindelijk is het dilemma niet zo groot als het lijkt. Om maar even naar mijn eigenlijke onderwerp terug te keren: wie de liturgie op een vruchtbare manier rationeel wil beheren moet haar eerst beminnen. De zaak is scheef gelopen omdat de architecten van de hervormingen te weinig liefde en respect hadden voor wat ze hadden ontvangen. In plaats van de liturgie als een levend organisme te snoeien hebben ze geprobeerd haar als een onbezield construct te verbouwen. Ze hebben zich vergist in haar aard. De laatste jaren zijn er dagboeken ontdekt van leden van de commissie (het 'consilium') die heel duidelijk laten zien hoe de tragedie zich voltrok. Het probleem was gedeeltelijk technisch, maar het ging toch vooral verkeerd omdat een paar leidinggevende figuren in feite geen enkele voeling meer hadden met de liturgische traditie. Mocht het je echt interesseren, dan loont het de moeite om de Memoires van Louis Bouyer te lezen, vooral het twaalfde hoofdstuk. Hij was lid van de commissie die de liturgie 'hervormde,' eigenlijk opnieuw bouwde. Verder zijn ondertussen ook de dagboeken van Bonifaas Luykx en Dom Bernard Botte beschikbaar gekomen, ook commissieleden. Die bevestigen het beeld. Enfin, als het je meer om het filosofische dilemma gaat is 'De onzichtbare maat' van Andreas Kinneging een aanrader. Dat moet weliswaar met een zekere kritische relativering gelezen worden, maar heeft het toch in grote lijnen bij het rechte eind, volgens mij.
Dank, dit is een werkbaar onderscheid voor me. Onbezielde constructen kunnen logisch in kleine stukjes worden opgedeeld en zakelijk opnieuw worden opgebouwd. Levende organismen moeten worden bemind, er moet voeling zijn met het geheel, haar richting, waar zij vandaan komt en waar zij naar toe gaat, en kan dan gesnoeid en bemest worden. En de liturgie valt in de laatste categorie, niet de eerste.
Zowel de specifieke kerkgeschiedenis als het filosofische dilemma interesseren me. Hartelijk dank voor beide boekentips dus, ze staan nu op mijn boekenlijst! Ik heb weleens met Kinneging om tafel gezeten, hij zegt regelmatig heel verstandige dingen. Ben benieuwd wat hij hierover te zeggen heeft.
Een pleidooi voor de Traditionele Latijnse Mis. Ik besef dat er eigenlijk maar twee zaken zijn die mij aanspreken in de kerk: de voortdurende oproep tot medemenselijkheid (caritas) en zo’n ‘ouderwetse’ mis.
Ik herken het betoog, dank daarvoor, pater Hugo.
Na 60 jaar weer terug in de kerk, herken ik een kerk na “de sloop”, zoals mijn vader dat toen noemde!
Het traject Alpha trok mij onlangs weer binnen en enthousiast heb ik mijn geloof weer beleden!
En wat mij nu charmeert is de betrokkenheid van individuele parochianen, terwijl zij zijn als “een kudde zonder herder”.
Ben ik te laat teruggekeerd? Of is het bewustzijn ook aan het terugkeren?
Daarom deed mij dit betoog goed: ga aub zo verder!
Bij de gifgroene kazuifel achter de keukentafel ging het ernstig mis met mijn koffie. 😂
Verder vind ik het een helder verhaal. Dank.
Dank, Hugo.
+Rob M.
grappig. de Jehovah's getuigen waar ik in geboren ben zeiden letterlijk dat rituelen het bewijs was dat je met babylon de grote te maken had. Satans wereldwijde stelsel van valse religie. Nou vallen de Jehovah's getuigen voortdurend de katholieke kerk aan. En hebben zij inderdaad elke gevoel eruit gehaald. Ik houd juist van de mystiek.
Wat een intrigerend artikel. Hartelijk dank. Ik zit hier nu al twee dagen over te piekeren.
Ik wilde een verbaal-rationele reactie opstellen… tot ik opnieuw het artikel las en juist uw klachten over te veel verbale rationaliteit tegenkwam.
Dat deed me nog iets dieper piekeren en er klikte iets wat ik toch graag wil delen. Ik ontkom, net als u, helaas niet aan verbale rationaliteit!
Robert M. Pirsig schrijft in zijn boek “Zen and the Art of Motorcycle Maintenance” over twee verschillende manieren van de wereld benaderen: de romantische en de klassieke.
De romantische benadering gaat over gevoel, belichaming, beelden, intuïtie, esthetiek, de vorm als geheel. De klassieke benadering gaat over rationaliteit, logica, wetten en regels, de onderliggende vorm en zaken opdelen in onderdelen.
Hij schrijft dat deze twee levenswijzen elkaar totaal niet snappen. Romantische voelers vinden klassieke denkers kil en zakelijk. Klassieke denkers vinden romantische voelers irrationeel en incompetent.
Pirsig denkt dat het essentieel is om deze kloof te overbruggen, en ziet hun gedeelde inspiratie door “Kwaliteit” (/het hoogste / Boeddha / God) als die brug.
Hij neemt de motor als praktisch voorbeeld. Aan de ene kant is het een klassiek, rationeel voorwerp. Mechanisch ontworpen, pure functionaliteit, je moet rationele processen begrijpen om hem te kunnen repareren en verbeteren.
Aan de andere kant: de meeste motorrijders bezitten een motor puur voor de “romantiek”. Voor de adrenaline, voor de belichaming, voor het avontuur, voor het contact met de wind en om het gevoel van opgesloten te zitten in een mentale kooi te ontsnappen. Het is zeker niet de meest praktische oplossing voor Nederlands woon-werkverkeer en boodschappen doen in alle seizoenen en weersomstandigheden.
Zonder de klassieke benadering rijdt de motor niet. Zonder de romantische benadering geniet je er niet van - en dan waren 95% van de Nederlandse motoren volstrekt nutteloos.
Uit het boek, na een voorbeeld over zand - dat je op allerlei verschillende manieren kunt sorteren en verdelen:
“Classical understanding is concerned with the piles and the basis for sorting and interrelating them. Romantic understanding is directed toward the handful of sand before the sorting begins. Both are valid ways of looking at the world although irreconcilable with each other.
What has become an urgent necessity is a way of looking at the world that does violence to neither of these two kinds of understanding and unites them into one. Such an understanding will not reject sand-sorting or contemplation of unsorted sand for its own sake. Such an understanding will instead seek to direct attention to the endless landscape from which the sand is taken.
There is a perennial classical question that asks which part of the motorcycle, which grain of sand in which pile, is the Buddha. Obviously to ask that question is to look in the wrong direction, for the Buddha is everywhere. But just as obviously to ask that question is to look in the right direction, for the Buddha is everywhere. About the Buddha that exists independently of any analytic thought much has been said...some would say too much, and would question any attempt to add to it. But about the Buddha that exists within analytic thought, and gives that analytic thought its direction, virtually nothing has been said, and there are historic reasons for this. But history keeps happening, and it seems no harm and maybe some positive good to add to our historical heritage with some talk in this area of discourse.”
———
Uw artikel leest als een verdediging van de romantische benadering - maar opgeschreven vanuit een vrij klassiek frame, met antropologische definities en functionalistische verdedigingen.
Driemaal benoemt u het rationele, en driemaal benoemt u het als “ondergeschikt” - mensen zijn niet rationeel. Rationele filosofie is niet uit te houden. Rationaliteit bedekt het wonder met zo’n laag tekst en woorden dat het alleen voor experts nog enigszins te onderscheiden is.
Maar is dit omdat het belangrijkste in deze wereld daadwerkelijk romantisch-niet-klassiek is? Of is dit primair een communicatiekloof?
Kijk - de meeste handleidingen zijn verschrikkelijk. Bladeren naar de juiste taal, zevenhonderd juridische waarschuwingen waar je niks aan hebt. Néé ik zal mijn huisdier niet in de airfryer stoppen en hem dan in de zee gooien terwijl de stekker nog in het stroom zit.
Maar LEGO maakt zulke goede handleidingen dat mensen honderden euro’s betalen puur voor de ervaring om die handleiding te mogen volgen.
Denkt u dat rondom religie die synthese tussen het romantische en het klassieke perspectief ook mogelijk is? Is er rationeel-verbaal duidelijk te maken hoe klassieke bouwers die appelboom in elkaar kunnen schroeven - en dat hij daarna ook nog bloesem draagt? Is het belangrijk voor de kerk om wat voor haar het belangrijkst is rationeel-logisch te kunnen benaderen en te communiceren? Of moeten de gelovigen leren om hun klassieke kijkwijze ondergeschikt te maken aan de romantische benadering?
Ik ben juist op zoek naar de balans tussen deze twee. Om de plantenmetafoor nog maar even verder te voeren: verschillende bomen en struiken komen juist beter tot hun recht als ze door mensen worden gesnoeid, bemest en in een tuinontwerp worden geordend. Maar er is een grens. De reden dat de mens überhaupt de moeite neemt om te tuinieren is dat hij geniet van de levende schoonheid van al die groeiende dingen, het scheppende plezier van de natuur en daarachter de hand van de Schepper. Hij kan dan ook alleen slagen in zijn opzet als hij zijn rationele ordening in dienst stelt van het mysterie van het leven, en daar de grenzen van respecteert. Hij kan lichtminnende zomerbloeiers onder een dichtgebladerde lindenboom poten, maar die zullen doodgaan of er tenminste verpieterd uitzien. Hij kan snoeien, maar niet voorbij een bepaalde grens, anders loopt de struik niet meer uit. Voortdurend moet hij zich ervan bewust zijn dat hij niet degene is die leven geeft en de sappen laat stromen. Uiteindelijk is het dilemma niet zo groot als het lijkt. Om maar even naar mijn eigenlijke onderwerp terug te keren: wie de liturgie op een vruchtbare manier rationeel wil beheren moet haar eerst beminnen. De zaak is scheef gelopen omdat de architecten van de hervormingen te weinig liefde en respect hadden voor wat ze hadden ontvangen. In plaats van de liturgie als een levend organisme te snoeien hebben ze geprobeerd haar als een onbezield construct te verbouwen. Ze hebben zich vergist in haar aard. De laatste jaren zijn er dagboeken ontdekt van leden van de commissie (het 'consilium') die heel duidelijk laten zien hoe de tragedie zich voltrok. Het probleem was gedeeltelijk technisch, maar het ging toch vooral verkeerd omdat een paar leidinggevende figuren in feite geen enkele voeling meer hadden met de liturgische traditie. Mocht het je echt interesseren, dan loont het de moeite om de Memoires van Louis Bouyer te lezen, vooral het twaalfde hoofdstuk. Hij was lid van de commissie die de liturgie 'hervormde,' eigenlijk opnieuw bouwde. Verder zijn ondertussen ook de dagboeken van Bonifaas Luykx en Dom Bernard Botte beschikbaar gekomen, ook commissieleden. Die bevestigen het beeld. Enfin, als het je meer om het filosofische dilemma gaat is 'De onzichtbare maat' van Andreas Kinneging een aanrader. Dat moet weliswaar met een zekere kritische relativering gelezen worden, maar heeft het toch in grote lijnen bij het rechte eind, volgens mij.
Dank, dit is een werkbaar onderscheid voor me. Onbezielde constructen kunnen logisch in kleine stukjes worden opgedeeld en zakelijk opnieuw worden opgebouwd. Levende organismen moeten worden bemind, er moet voeling zijn met het geheel, haar richting, waar zij vandaan komt en waar zij naar toe gaat, en kan dan gesnoeid en bemest worden. En de liturgie valt in de laatste categorie, niet de eerste.
Zowel de specifieke kerkgeschiedenis als het filosofische dilemma interesseren me. Hartelijk dank voor beide boekentips dus, ze staan nu op mijn boekenlijst! Ik heb weleens met Kinneging om tafel gezeten, hij zegt regelmatig heel verstandige dingen. Ben benieuwd wat hij hierover te zeggen heeft.
Een pleidooi voor de Traditionele Latijnse Mis. Ik besef dat er eigenlijk maar twee zaken zijn die mij aanspreken in de kerk: de voortdurende oproep tot medemenselijkheid (caritas) en zo’n ‘ouderwetse’ mis.